Veel vrouwen proberen minder koolhydraten en merken twee heel verschillende dingen. Soms voelen ze zich lichter en helderder, terwijl ze zich op andere momenten juist moe, leeg of prikkelbaar voelen.
Dat ligt meestal niet aan discipline of aan ‘het niet goed doen’. Vaker heeft het te maken met timing, vorm en de belastbaarheid van je lijf.
Wanneer koolhydraten je helpen
Koolhydraten kunnen ondersteunend zijn wanneer je lichaam ze rustig kan verwerken. Dat zie je vaak op momenten dat je spijsvertering ontspannen aanvoelt en je energie redelijk stabiel blijft gedurende de dag. Je hoeft dan minder te snacken en merkt dat je niet ineens instort.
In zo’n situatie helpen koolhydraten om energie beschikbaar te maken en herstel te ondersteunen. Ook kunnen ze spanning in het lijf verminderen. Ze vullen aan, in plaats van dat ze iets van je vragen.
Dat herken je vaak aan signalen zoals:
-
een gelijkmatiger energieniveau
-
minder behoefte aan tussendoor eten
-
een rustiger gevoel na de maaltijd
Wanneer koolhydraten energie kosten
Bij veel vrouwen gebeurt juist het tegenovergestelde. Dan vragen koolhydraten meer energie dan ze opleveren. Het eten zelf voelt misschien niet zwaar, maar het effect erna wel.
Dat kan zich uiten in:
-
een opgeblazen of zwaar gevoel
-
snelle trek kort na het eten
-
inkakken, vooral na lunch of avondeten
-
meer behoefte aan zoet of koffie
In gewone woorden betekent dit dat je vertering te hard moet werken. In plaats van energie vrij te maken, lekt er energie weg. In zo’n fase kan het logisch zijn dat minder koolhydraten tijdelijk juist rust geven.
Het echte verschil zit niet in ‘arm’ of ‘beperkt’
Het verschil zit zelden alleen in de hoeveelheid koolhydraten. Veel vaker gaat het om hoe en wanneer je ze eet.
Denk bijvoorbeeld aan:
-
het moment op de dag
-
de vorm: vloeibaar of vast, koud of warm, bewerkt of eenvoudig
-
de combinatie met eiwit en vet
Twee vrouwen kunnen precies hetzelfde eten en toch een totaal ander effect ervaren. Dat zegt niets over goed of fout, maar alles over wat het lichaam op dat moment nodig heeft.
Minder tellen, meer afstemmen
In plaats van steeds te denken in regels en grenzen, helpt het vaak meer om te kijken naar wat eten met je doet. Geeft het je energie, of kost het je iets? Voel je je na het eten rustiger, of juist onrustiger?
Dat vraagt geen perfect plan en geen strakke controle. Wel aandacht en eerlijk waarnemen.
Tot slot
Misschien hoef je niet te kiezen tussen koolhydraatarm of niet. Maar mag je ontdekken wanneer je lijf ondersteuning nodig heeft, en wanneer het juist minder vraagt.
Vaak verandert het antwoord vanzelf, als je beter leert luisteren.
Reactie plaatsen
Reacties